Ben ik nu een schrijver?

Wanneer ben je eigenlijk een schrijver? Is dat alleen als je boeken schrijft? Of ook als je blogt, of recensies, persberichten of liefdesbrieven schrijft? Ben je alleen schrijver als je ervan kan leven, of als je een groot publiek hebt? Ik vind mezelf een schrijver. Misschien schrijf ik ooit wel een boek, maar tot nu toe zijn het voornamelijk het artikelen, webteksten, blogs en sinterklaasgedichten. Maar ik vind mezelf een schrijver, omdat alleen ík bepaal welk woord hier wel of juist niet komt te staan. En ik blijk daar best goed in te zijn, de juiste woorden op de goede plek zetten. Zo goed dat ik besloot mijn baan op te zeggen, om te gaan schrijven voor anderen.

Dát moment

Toen ik in groep 6 zat kregen we de opdracht om met elkaar een gedicht te schrijven voor de schoolkrant. Iedereen moest twee regels bedenken. Ik weet nog precies wat ik inleverde: ‘Kerst komt er weer aan, schuif Sinterklaas maar van de baan.’ Ik weet ook nog hoe blij verrast de juf reageerde. Alsof ze niet echt verwachte dat er iets uit zou komen dat rijmde en ook nog ergens op sloeg. Op dat moment wist ik dat ik schrijver wilde worden. Omdat het zo leuk is om een goede tekst verzinnen. En om de reacties die je erop krijgt.

Ruim een maand ben ik nu zelfstandig tekstschrijver. En wat blijkt? Het is inderdaad heel leuk! Hiervoor werkte ik op de afdeling Marketing & Communicatie. Ik verstuurde regelmatig nieuwsbrieven naar honderden anonieme ontvangers. Nu maak ik iets en krijg ik direct een reactie! Het geeft voldoening om te merken dat mensen blij zijn met mijn werk.

Heus niet makkelijk

Iedereen communiceert – het lijkt zo makkelijk – maar als ergens veel mis kan gaan is het in communicatie. Verbaal sta ik regelmatig te stoethaspelen, kom ik niet op de juiste woorden, mompel wat beschaamd voor me uit. Alleen al het idéé dat schriftelijke communicatie je de tijd geeft om na te denken over de juiste woorden, maakt dat ze soepel op mijn beeldscherm verschijnen. De meeste mensen kunnen schrijven, maar niet iedereen kan het op zo’n manier dat het resultaat ook nog eens lekker leest. Wat fijn dat ik daarmee kan helpen!

‘Mag ik er ook over liegen?’

Uiterst tevreden met de stap die ik gemaakt had, zat ik in de eerste week van januari met mijn zoon op de fiets. Blijkbaar hadden ze het die dag gehad over beroepen. De vader van een klasgenoot is piloot en een ander is postbode. Kon mijn zoon zich van alles bij voorstellen. “Wat doe jij eigenlijk, mama?” Trots antwoorde ik: “Ik ben schrijver”. “Wat heb je daar nou aan? Mag ik er de volgende keer in de klas ook over liegen, mama?” Het is tof om schrijver te zijn. Al zijn de meningen daar wel over verdeeld.